Naar inhoud springen

Antwerpse School

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

De Antwerpse School is de benaming voor kunstschilders die tijdens de 16de en 17de eeuw actief waren in Antwerpen.

In de 16de eeuw werd Antwerpen de belangrijkste handelsstad in de Bourgondische Nederlanden. Kunstenaars sloten zich aan bij het Antwerpse Sint-Lucasgilde om hun beroep te kunnen uitoefenen in de stad.

Dit gilde stond garant voor de kwaliteit en de scholing van jong talent. Kunstenaars moesten eerst als leerling een opleiding volgen bij een meester. De jonge leerlingen moesten karweitjes opknappen zoals pigmenten mengen, draperingen schilderen en studies maken.

De eerste school van kunstenaars die ontstond in de stad waren de Antwerpse maniëristen, een groep anonieme laatgotische schilders actief in de stad van ongeveer 1500 tot 1520. Zij werden gevolgd door de maniëristische schilders in de Italiaanse traditie die vaak in Italië hadden gestudeerd. Deze ontwikkeling speelde zich af vanaf 1550. Jan Gossaert was een belangrijke vertegenwoordiger van deze stroming en andere kunstenaars, zoals Frans Floris de Vriendt, schilderden ook in deze stijl.

De Beeldenstorm van 1566 leidde tot de vernietiging van vele religieuze kunstwerken. De heropbouw en herinrichting van kerken en kloosters gaf een nieuw elan aan de schilderkunst. Kunstenaars als Otto van Veen en leden van de familie Francken, die werkzaam waren in een laat-maniëristische stijl, schilderden talrijke altaarstukken om de vernietigde en verdwenen werken te vervangen. De Val van Antwerpen in 1585 betekende het begin van de economische neergang van de stad.

De stad kende een artistieke vernieuwing in de 17e eeuw. De grote werkplaatsen van Peter Paul Rubens en Jacob Jordaens, en de invloed van Anthony van Dyck, maakten Antwerpen het centrum van de Vlaamse kunst. De stad was een internationaal belangrijk uitgeverijcentrum, en had een enorme productie van oude meester-prenten en boekillustraties. De barokstijl van de Antwerpse school werd de dominerende stijl in de Zuidelijke Nederlanden en staat bekend als de Vlaamse barok.

Doeken uit de Antwerpse school zijn nog steeds zeer gewild en doeken op veilingen zijn een garantie voor succes.

Antwerpen-Louvreschool

[bewerken | brontekst bewerken]

De Antwerpen-Louvreschool is de benaming voor een groep anonieme meester-harnassmeden die in het derde kwart van de 16e eeuw rijk gedecoreerde ceremoniële harnassen en schilden vervaardigden voor het hof van Hendrik II van Frankrijk.[1] Een grote meester van deze stijl was Etienne Delaune, van wie werd verondersteld te werken vanuit een ongedocumenteerde koninklijke werkplaats in Parijs, waarnaar kunsthistorici verwezen als de Louvreschool van harnassmeden. Later onderzoek wees echter uit dat een aantal van deze harnassen in het begin van de jaren 1560 in Antwerpen werd versierd door de goudsmid Eliseus Libaerts, die ook harnassen vervaardigde voor het hof van Erik XIV van Zweden. Mogelijk was Libaerts enige tijd werkzaam in Parijs en leverde hij eveneens werk voor het Franse hof. Door de onduidelijkheid over de precieze herkomst van deze harnassen wordt tegenwoordig de benaming Antwerp-Louvreschool gehanteerd.

De stijl waarin deze ateliers werkten, sluit dicht aan bij de laat-maniëristische stijl die in de andere decoratieve kunsten uit deze periode in Noordwest-Europa voorkwamen.