kalmte
Uiterlijk
- kalm·te
- In de betekenis van ârustâ voor het eerst aangetroffen in 1602 [1]
- afgeleid van kalm met het achtervoegsel -te [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kalmte | kalmtes |
| verkleinwoord |
deâkalmteâv
- rust, stilte, koelbloedigheid, gemoedsrust
- âžÂ Door haar kalmte en haar langetermijnvisie voor hun toekomst laat ze hem altijd voelen dat ze zelfbewust is, maar dat doet ze heel duidelijk en vriendelijk.[3]
- âžÂ Het had met gemak op een bloedige rel kunnen uitlopen, maar Cicero sprong op de achterkant van een wagen en riep de Sicilianen toe dat ze hun kalmte moesten bewaren, dat Metellus het niet zou wagen om een Romeinse senator kwaad te doen die op gezag van de rechtbank van een praetor handelde, hoewel hij er wel aan toevoegde, en maar half voor de grap, dat als hij voor donker nog niet naar buiten was gekomen, ze wellicht eens konden vragen waar hij zat.[4]
- Het woord kalmte staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "kalmte" herkend door:
| 100Â % | van de Nederlanders; |
| 100Â % | van de Vlamingen.[5] |
- â "kalmte" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- â kalmte op website: Etymologiebank.nl
- â Jessie BurtonâDe bekentenisâ (2020), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024586295 - â âImperiumâ (2006), Cargo, ISBN 9023420535
- â
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 âWord Prevalence Valuesâ op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 6
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 of 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -te in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %