Naar inhoud springen

kassabon

Uit WikiWoordenboek
Een kassabon.
  • kas·sa·bon
enkelvoud meervoud
naamwoord kassabon kassabonnen
(kassabons)
verkleinwoord kassabonnetje kassabonnetjes

de kassabon m

  1. een stukje papier waarop staat wat men wanneer gekocht heeft en hoeveel men daarvoor betaald heeft.
99 %van de Nederlanders;
94 %van de Vlamingen.[1]
  1. ↑ Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be